Maar toch zal ik hem ook de vertroostingen schilderen, die voor hem over blijven, en vooral de hoop die hij nog steeds mag koesteren om weer werker van de Heer te worden, in overeenstemming met het oorspronkelijke plan; en dit deel van mijn werk zal niet het minst aantrekkelijke voor mij zijn, zozeer zou ik willen dat hij te midden van het kwaad dat aan hem vreet, in plaats van ontmoedigd te raken en zich aan wanhoop over te geven, eerst tracht in zichzelf de kracht te laten ontstaan om het kwaad te verdragen, zelfs om het te overwinnen, en om dicht genoeg bij het leven te komen om de dood van schaamte te laten blozen om te hebben gemeend hem te kunnen onderwerpen en van hem zijn prooi en slachtoffer te maken; zozeer zou ik bovendien wensen dat hij in de geest waarlijk het doel vervult, waarvoor hij het bestaan heeft ontvangen!
Ja de kronieken van de waarheid behoren alleen maar verzamelingen van haar schitterende helderheden en wonderen te zijn, en de mens die het geluk had om te worden geroepen om waarlijk haar dienaar te zijn, zou altijd alleen nog maar moeten schrijven nadat hij praktisch gesproken onder haar bevel heeft gehandeld, en uitsluitend om ons de wonderen te schilderen, die hij in haar naam had uitgevoerd.
Dat is in alle tijden de gang van de dienaren van de Goddelijke zaak geweest, naar geest en naar waarheid. Zij hebben altijd alleen maar geschreven volgens de goede werken. Dus dat zou de gang van de mens moeten zijn omdat hij immers speciaal bestemd is voor het beheer van het Goddelijke.
Louis-Claude De Saint- Martin (1743-1803) De mens: Dienen in vergeestelijking
Comments